1. Home
  2. Docs
  3. Backend
  4. Product & Configuratie
  5. Showcase product

Showcase product

Scene editor

Nadat de configuratie gedaan is kunnen we verder naar de showcase. De showcase is een plek waar de productpresentatie ingesteld kan worden. Hierin kan je belichting toevoegen, de scene beheren, de materials beheren en afmaken hoe het product er bij een klant uit komt te zien.

De layout bestaat uit 4 onderdelen:
1. De insert toolbar (waar dingen aan de scene toegevoegd kunnen worden en de settings aangepast kunnen worden),
2. de scene hierarchy (product node, configurable node, layers, property panel (properties van de objecten die geselecteerd zijn)
3. De editing toolbar:

  • Redo
  • Undo
  • Position transformation: Hiermee kun je het geselecteerde object op een neer te bewegen
  • Scaling transformation: voor het schalen van geselecteerde objecten
  • Rotation transformation: Voor het ronddraaien van geselecteerde objecten
  • Copy: Voor het dupliceren van een object in de scene
  • Delete button: Voor het verwijderen van een object

4. De zijbalken kunnen open en dicht geklikt worden door op de pijltjes te klikken.

Het bewegen in een scene met de muis gaat als volgt: met de rechtermuisknop kun je het scherm bewegen, de linkermuisknop is om te roteren (orbiten om het focuspunt), de middelstemuisknop is de zoomknop, waarmee je in- en uit kunt zoomen door omhoog of omlaag te scrollen.

Add new items

Let op! voor het beginnen met het toevoegen van nieuwe items is het belangrijk om de units te controleren. Op het moment dat de scene geopend is kan het namelijk zijn dat het object niet gezien wordt. Vaak is het probleem dat het object dat in de scene geladen is te groot of te klein is voor de scene. Door de schaal aan te passen door in of uit te zoomen krijgen we het object weer te zien. Wanneer het object in cm getekend is, moet dit in meters ingevuld worden, aangezien de scene editor met meters werkt (bij 1 centimeter moet er dus 0,01 ingevuld worden).

Je kunt dit controleren/ aanpassen bij configurable node, scale aanpassen. Je kunt het getal aanpassen door dit in te typen, de pijltjes te gebruiken of door het balkje naar beneden of naar boven te slepen.

Hetzelfde geldt voor de position en de rotation. Dit kan ook in de toolbar.

Inserting Camera

Er zijn 2 dingen erg belangrijk bij het presenteren van een product. Het toevoegen van een camera en het toevoegen van belichting. Het toevoegen van een camera is verplicht, als er geen camera aan de scene is toegevoegd zal het product niet zichtbaar zijn.

Het is dus nodig om eerst de camera toe te voegen, dit doe je door op insert-> camera-> perspective te klikken.

Deze wordt daarna aan de scene toegevoegd. Om deze te bewerken, selecteer je de camera in de layer. Dan kun je de view verplaatsen naar het punt vanuit waar de klant het product te zien krijgt. Vanuit de eigenschappen van de camera selecteer je vervolgens set camera (en confirm om te bevestigen).

Dan wordt de camera op het punt gezet vanuit waar je naar het product gekeken hebt. De camera staat hierbij altijd gericht op het focuspunt, dit is ook het punt waar de camera omheen draait bij roteren van het product. Door op view camera te klikken kun je meteen zien op welk punt de camera gefocust is. Dit punt kun je aanpassen door op transform focus te klikken.

Hiermee kun je het focuspunt zelf naar de juiste plek slepen of je kunt het juiste focuspunt invullen.

Bij de camera zijn ook de controllers erg belangrijk. Er zijn 2 type controllers, namelijk orbit en first person. Met Orbit kun je geheel om het focuspunt heen draaien. Met First person sta je als het ware voor het het product en kun je alleen vanuit dat punt omhoog, omlaag of opzij kijken. Je kunt deze keuze makkelijk selecteren bij perspective, controller.

Belichting toevoegen

Een belangrijk onderdeel in het presenteren van een product is het toevoegen van een lichtbron. Bij lights kun je kiezen uit de verschillende soorten belichting:

  • Directional lighting:
    Dit is een directionele lichtbron, dat een object vanuit iedere een bepaalde hoek gelijkwaardig belicht.
  • Ambient lighting:
    Dit is het omgevingslicht, dit wordt gebruikt om een basis omgeving te creëren. Dit is een makkelijke manier om een realistisch effect te creëren.
  • Hemisphere lighting:
    Halfronde verlichting, Het licht wordt hierbij als een halve bol verspreidt.
  • Point lighting:
    Puntverlichting, het licht komt vanuit één punt en verspreidt zich in alle richtingen.
  • Spot lighting:
    Spotverlichting, waarbij het licht vanuit één punt komt en zich verspreidt in een kegel.

Normaal staat de hemisphere light al ingesteld. Dit is een lichtbron dat het product geheel verlicht. Alles wat vanuit de bovenkant verlicht wordt heeft de light color object. Alles aan de onderkant, dus het punt waar geen licht op kan schijnen heeft de ground color. Hier kun je dus ook de kleur en de intensiteit daarvan aanpassen.

Wanneer je gebruik wilt maken van een andere lichtbron, kun je hier de intensiteit verminderen, zo zal het meeste licht dat op het object schijnt vanuit een andere lichtbron komen.

Vervolgens kun je extra belichting toevoegen. Dit doe je door bij insert te kiezen voor (bijv.) directional light. Deze kun je gaan bewerken door in de scene of in de tabel de juiste lichtbron te selecteren. Je kunt hierbij heel makkelijk het punt vanaf waar het licht schijnt verplaatsen door deze naar het juiste punt te slepen.

Ook hier kun je bij Light Object de kleur en de intensiteit daarvan aanpassen.

Schaduw toevoegen

Het is ook mogelijk om een schaduw toe te voegen, dit doe je door bij shadow eerst cast shadow aan te vinken.

Zo kan een schaduw gecreëerd worden vanuit het product. Hier heb je echter een ondergrond voor nodig. Dit kun je makkelijk doen door bij insert, primitives, plane te selecteren. Klik vervolgens op de plane in de tabel. Nu zie je dat de plane verticaal is toegevoegd, om deze horizontaal te maken kun je deze met de rotatieknop in de toolbar draaien.

Met de schaal knop kun je de ondergrond groter maken, door deze naar de zijkant te slepen.

Daarna selecteer je receive shadow om de schaduw te kunnen zien. Klik op Save changes om de aanpassingen te kunnen zien.

Er kan een probleem ontstaan, als de schaduw ook op het product zelf zichtbaar wordt zoals op onderstaande afbeelding:

Dit kun je gemakkelijk aanpassen, door terug te gaan naar directional light en de bias te verlagen.

Materials aanpassen

Je kunt ook de materials van een onderdeel aanpassen. Dit kun je doen door het onderdeel te selecteren in de scene. Vervolgens wordt hiervan de configurable node geopend en worden alle property waardes daarvan zichtbaar.

Belangrijke onderdelen bij de material propertie waardes zijn Diffuse, Transparency en Environment. Diffuse geeft de kleur op het object zelf weer, waarbij je bij Diffuse color de kleur kunt aanpassen, Diffuse map is de texture die op het object komt. Om dit toe te voegen klik je op de Assign knop, waarna de media library geopend wordt en kun je een texture selecteren. Je kunt ook een nieuwe texture toe te voegen door op Add te klikken en een bestand te uploaden en vervolgens toe te voegen door op add te klikken. Deze komt vervolgens bij het overzicht te staan. Klik de juiste texture aan en klik vervolgens op select om deze toe te passen.

Bij Transparency kun je een onderdeel transparant maken met de aan/uit knop. Door de Opacity in te vullen, kun je bepalen hoe transparant het onderdeel moet worden.

Bij Environment kun je de reflecties instellen. Door op Assign te klikken krijg je weer de media library te zien en kun je de juiste selecteren. Vervolgens krijg je de environment reflecties te zien op het onderdeel. Je kunt het type environment veranderen bij Env. Combine, waarbij je kunt kiezen uit Multiply, MixOperation en AddOperation. En bij reflectivity kun je bepalen hoe reflecterend het moet zijn.

Let op! Wanneer je in dit onderdeel aanpassingen hebt gemaakt is het erg belangrijk om aan de onderkant van dit onderdeel op Save Changes te klikken. Wanneer je dit niet doet, worden alle aanpassingen vergeten.

Je vindt een uitgebreide uitleg over de materials bij het aparte onderdeel over materials in de documentatie.

Product node

Je kunt alle types van een product apart instellen, door te wisselen tussen de types. Dit doe je door bij Object het type te selecteren dat je wilt aanpassen.

Stel je hebt een product waar je verschillende lagen van belichting wilt hebben. Zoals bijv. bij een huis wil je aan de buitenkant een ander soort belichting dan aan de binnenkant laten zien. Daarvoor kun je bij Layers op Manage views klikken.

Vervolgens kun je een nieuwe view toevoegen door bij New view name de naam van de view in te vullen en op Add view en vervolgens op Save changes te klikken.

Daarna kun je tussen view wisselen door op de naam van de view te klikken. Alle ingestelde onderdelen zijn bij de tweede view dus niet zichtbaar, waardoor je alles hiervoor opnieuw moet instellen.

Vervolgens sla je alles nog een keer op door bovenin op Save Changes te klikken.
Wanneer je bovenin naar Preview gaat, krijg je te zien hoe het product er voor klanten uit komt te zien.

De primitives zijn allemaal shapes, vormen die toegevoegd kunnen worden.

Was this article helpful to you? Yes No

How can we help?